Misverstanden

27 februari 2018

Een zeer gevorderde cursiste van me is op zakenreis geweest, een brainstorm met het bedrijf in Portugal voor een paar dagen. Helaas werd ze de nacht voor de vlucht terug naar Amsterdam ziek: een allergische reactie op iets wat ze had gegeten. “Kwarteleitjes en kaviaar,” had ze de huisarts thuis verteld. Helaas ligt in haar moedertaal de klemtoon van kaviaar op de Ka, en spreekt ze de laatste r nauwelijks uit, zodat de huisarts grote ogen had opgezet en vroeg: “Zo’n knaagdier bedoelt u?”, de grootte van een cavia met zijn handen aangevend.

Ik zit naast een cursiste die grote moeite heeft met het Nederlands en al lang niet het gewenste A1 niveau haalt om verder te kunnen naar de volgende groep.  We buigen ons over het woord ‘proberen’, en met behulp van een online vertaalprogramma zet ze de Arabische vertaling erachter. Dan wordt ze gebeld door een assistente van een huisartsenpraktijk, die veel moeite doet om met haar te communiceren in Nederlands, dan Engels, dan weer Nederlands. “Dan proberen we nu toch een afspraak te maken in het Nederlands, goed?” hoor ik de assistente door de telefoon zeggen.  “Ja, bedankt, is goed”, zegt mijn cursiste….. en hangt op!

In een A2 groep behandel ik KNM. “Wat voor soort verzekeringen zijn er?”, vraag ik. Ze komen in een rijtje op het bord, waaronder de uitvaartverzekering. “Wat is uitvaart?” Niemand weet het. “Wat doe je met dode mensen?”

“In de grond”, zegt er eentje. “Begraven!”de ander weet het woord.

“Begraven of cremeren”, vertel ik.  “Wat is cremeren?”

“Verbranden!”, weet één van hen.

“Worden doden in jullie land begraven of gecremeerd?”, houd ik het gesprek gaande, om het  woord nog een paar keer te herhalen. Ik vraag naar de bekende weg; in de landen waar deze cursisten vandaan komen, Eritrea en Moslimlanden, is alleen begraven gebruikelijk. Dan valt mijn oog op Namkha, een Tibetaanse cursist. Ik heb wel eens gelezen dat een dode in Tibet soms bovenop een berg wordt gelegd, om door de gieren opgegeten te worden. Ik stelde me er bij het lezen bij voor dat de nabestaanden blijven kijken als de gieren komen. Ook vraag ik me af: Waarom, in vredesnaam.

“Hoe gaat dat in Tibet, Namkha?”, vraag ik hem.

“Ja, soms begraven, soms in de rivier, want de vissen moeten ook eten”, vertelt hij onverstoorbaar. Zoals het uit zijn mond komt klinkt het als een liefdevol en heilig ritueel van eeuwige cirkelgang: eten en gegeten worden, een ecologische oplossing.

“Wat dan als het heel koud is en de rivier bevroren is?”, vraag ik.

“Dan gaat het lichaam soms boven op een hoge berg. De vogels hebben ook honger als de rivier bevroren is. Dan hakken we het lichaam in een paar stukken. En dan gaan we weg, we kijken niet, de vogels moeten rustig eten”, vertelt hij. Opnieuw die eenheid met alles wat leeft, de liefde die uit zijn woorden spreekt raakt me.

De cursisten die het begrepen hebben, zijn wat van hun stuk gebracht. Ook dat kan ik me voorstellen.

Inburgeren is soms uitburgeren, ook voor docenten.

 


Auteur: Ineke Spoelstra
Functie: Docent NT2 bij Totaal Inburgering
Ineke Spoelstra - Totaal Inburgering


 

Deel deze pagina:
Direct een afspraak maken of meer informatie.
Design and development by Modern Times Media